Gedragscompetenties – Organisatieloyaliteit

Gedragscompetenties – Organisatieloyaliteit:

Eigen gedrag in lijn brengen met het beleid, de behoeften, de prioriteiten en de doelen van de organisatie.

Praktijkvoorbeelden organisatieloyaliteit:

  • Toont zich loyaal waar anderen kritiek spuien
  • Komt uit voor eigen betrokkenheid bij opgedragen beleid
  • Houdt rekening met beleidsruimten van chef en hoger management
  • Houdt rekening met de organisatiecultuur bij voorstellen en beslissingen
  • Past zich aan bij de normen en waarden van de organisatie
  • Past voorstellen aan bij de ruimte die de politiek beschikbaar heeft voor het topmanagement
  • Staat achter beslissingen die voor de organisatie nuttig zijn, zelfs als die minder populair of controversieel zijn
  • Verschuilt zich niet achter hogere managementniveaus of andere afdelingen.
  • Neemt zelf verantwoordelijkheid
  • Uit positieve kritiek op de prestaties van de organisatie, zonder de organisatie af te vallen
  • Legt uit waarom onder feitelijke omstandigheden een ideaal lijkend plan niet realistisch is
  • Voert richtlijnen uit, ook al komen die niet overeen met het belang van de eigen dienst of van zichzelf